Het namenrecht is de laatste jaren in beweging. Er is, kort gezegd, meer ruimte voor diversiteit en de wensen van de personen zelf die de naam ‘moeten’ dragen. Het namenrecht is een specialisme binnen het (internationale) familierecht en kent soms vrij specifieke regels.
Namenrecht
Het Nederlandse namenrecht is van oudsher een duaal systeem dat slechts voornamen en geslachtsnamen kent. Toch moet dit systeem zich soms verhouden tot andere culturele en ideologische opvattingen omtrent de naamskeuze. Denk bijvoorbeeld aan de soms lange namenreeksen van personen uit landen als Somalië en de ‘patroniemen’ van mensen uit landen als Oekraïne en Rusland. In andere landen als Spanje en Portugal kent men al veel langer dan in Nederland dubbele geslachtsnamen.
Het namenrecht ondergaat, kortom, rechtstreeks de impact van migratie en de culturele diversiteit van de samenleving. Emancipatie en gender zijn daarnaast van invloed. De rechtspraak van het Europese Hof van Justitie over het vrije verkeer van personen getuigt van deze rechtsontwikkelingen. Daarnaast is ook in toenemende mate van belang de invloed van mensenrechtenverdragen zoals het Kinderrechtenverdrag en het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM), waarin gendergelijkheid een belangrijke oerweging vormt.
Zowel voornamen als achternamen (geslachtsnamen) vormen een belangrijke bouwsteen van iemands persoonlijke identiteit. Daarom is de mate waarin de overheid mag ingrijpen in de naamskeuze ook beperkt. Het raakt immers aan iemands persoonlijke levenssfeer en identiteit. Dat wordt niet alleen onderkend in het VN Kinderrechtenverdrag maar ook in het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Artikel 8 IVRK beschermt daarnaast, bijvoorbeeld, het recht op een eigen persoonlijke identiteit van het kind. Daartoe behoort onmiskenbaar ook de naam van een kind.
Twee loketten naamswijziging
In Nederland kennen wij twee ‘loketten’ voor wie een naamswijziging verlangt. De voornaamswijzigingsprocedure loopt via de rechtbank en de wijziging van de achternaam loopt via Dienst Justis. Wij schetsen kort hoe de procedures verlopen. In dat kader gaan wij tot slot ook in op de actuele discussie rond de Wet Introductie Gecombineerde Geslachtsnaam.
1. Voornaamswijziging
Als je een voornaam (of voornamen) in Nederland wilt laten wijzigen, moet je via een advocaat een procedure opstarten bij een Nederlandse rechtbank. De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt gelegenheid geboden om een verweerschrift in te dienen. Hoger beroep is ook mogelijk. Daarna is de voornaamswijziging een feit en wordt deze verwerkt in de Basisregistratie Personen (BRP).
Het kan bij voornaamswijzigingen ook gaan om een (‘Slavisch’) patroniem. In veel landen wordt automatisch een familienaam aan de achternaam van een kind toegevoegd. Een patroniem is een onderdeel van een persoonlijke naam op basis van de voornaam van de vader van het kind. Patroniemen komen in landen zoals Rusland, Belarus en Oekraïne voor. Mensen uit deze landen willen echter soms daarvan af wanneer zij zich hier vestigen, omdat zij het behoud daarvan als belastend ervaren. Omdat Nederland geen patroniemen erkent als een afzonderlijke categorie namen, wordt een patroniem in Nederland geregistreerd als tweede naam en dus als een van de voornamen. Is er sprake van een ‘namenreeks’, dan moet in principe ook een keuze worden gemaakt voor een voornaam en een geslachtsnaam in het kader van de naturalisatie.
Buitenlandse geboorteakte
Ben je buiten Nederland geboren en heb je geen geboorteakte die in Nederland is ingeschreven, dan moet je je (gelegaliseerde of geapostilleerde) geboorteakte eerst laten inschrijven. De geboorteakte wordt, als het ware ‘omgezet’, naar een Nederlandse geboorteakte bij de gemeente Den Haag. Dat kan enkele maanden duren. In sommige gevallen zal een geheel nieuwe Nederlandse geboorteakte moeten worden opgemaakt. Daarvoor is een afzonderlijke gerechtelijke procedure vereist, de artikel 1:25c-procedure bij de rechtbank Den Haag.
‘Voldoende zwaarwichtig belang’
De rechter beoordeelt en beslist over de vraag of je wel een ‘voldoende zwaarwichtig belang’ hebt voor de voornaamswijziging. De redenen voor de voornaamswijziging die je naar voren brengt, zijn dan ook van groot belang. Een goede onderbouwing is noodzakelijk. Een voldoende zwaarwichting belang zal vaak in de ogen van de rechter voldoende zijn onderbouwd door het overleggen van een rapportage van een GZ-psycholoog waaruit blijkt dat er sprake is van psychische hinder bij de huidige voornaam.
2. Geslachtsnaamswijziging
Voor het wijzigen van de geslachtsnaam (de achternaam) zal in het algemeen eerst een administratieve procedure via een afdeling van het ministerie van Justitie (Justis) moeten worden doorlopen. Daarvoor heb je wettelijk gezien geen advocaat nodig, maar dat is wel raadzaam.
De administratieve leges van € 835,- (mei 2025) voor volwassenen zijn behoorlijk hoog dus het is goed om op voorhand vrij zeker te weten of de procedure kansrijk zal zijn. Daarbij komt nog dat de beslissing tot ongeveer twintig weken vanaf de indiening van de aanvraag kan duren. De wijziging dient bovendien geschaard te worden onder een bepaalde rubricering, die duidelijk is omschreven in de Brochure geslachtsnaamswijziging. Het kan zijn dat er, bijvoorbeeld, nog bezwaar moet worden gemaakt indien de voorgestelde naamswijziging wordt afgewezen, bijvoorbeeld, omdat de geslachtsnaam al een erkende Nederlandse naam betreft.
Zogenaamde ‘zelfstandige naamswijzigingen’
Het eerste lid van artikel 10:24 BW bepaalt dat indien de geslachtsnaam of de voornamen van iemand ter gelegenheid van de geboorte buiten Nederland zijn vastgesteld of als gevolg van een buiten Nederland tot stand gekomen wijziging in de persoonlijke staat – bijvoorbeeld door een huwelijk – zijn gewijzigd en zijn neergelegd in een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akte, de in dat buitenland vastgelegde of gewijzigde geslachtsnaam of voornamen in Nederland worden erkend. Is de naamwijziging niet het gevolg van een wijziging in de persoonlijke staat (bijvoorbeeld een huwelijk) dan is het maar de vraag of de buitenlandse naamswijziging zonder een gang naar de rechter in Nederland erkend kan worden. In een vrij recente uitspraak van het Hof Den Haag werd dit wel mogelijk geacht. Daarbij liet het hof echter wel meewegen dat de beslissing was genomen door een daartoe bevoegde (Zwitserse) ambtenaar en de naamswijziging niet in strijd was met de openbare orde.
Gecombineerde geslachtsnamen of achternamen
Sinds 1 januari 2024 is het wettelijk gezien mogelijk voor ouders om hun eerste kind, indien het kind op of na 1 januari 2024 is geboren, de achternamen (geslachtsnamen) van beide ouders te geven. De Wet Introductie Gecombineerde Geslachtsnaam (WIGG) trad toen in werking. Voor kinderen die op of na 1 januari 2016 zijn geboren, gold tot 1 januari 2025 een overgangsregeling waardoor alsnog gekozen kan worden voor een gecombineerde geslachtsnaam.
Een gecombineerde geslachtsnaam is niet verplicht. Ouders kunnen kiezen voor enkel de geslachtsnaam van vader of enkel de geslachtsnaam van moeder. Maken de ouders geen keuze, dan geldt voor kinderen die binnen een huwelijk of geregistreerd partnerschap geboren worden, de geslachtsnaam van de niet-geboorteouder. Dat is dus meestal de vader. Voor de kinderen die buiten het huwelijk geboren worden, geldt dat zij in dat geval de geslachtsnaam van de geboorteouder krijgen. In dat geval is dat vaak de moeder. Deze wettelijke regeling staat ook wel bekend als de ‘vangnetnorm’. Die ‘vangnetnorm’ is echter niet onomstreden. Het is verdedigbaar dat de ‘vangnetnorm’ strijdig is met internationale en Europese rechtsnormen over gelijke behandeling.
Wanneer ouders het niet met elkaar eens worden over de geslachtsnaam
Hoewel de Wet Introductie Gecombineerde Geslachtsnaam pas kort geleden in werking is getreden, is inmiddels wel duidelijk dat de huidige ‘vangnetnorm’ niet voor iedereen aanvaardbaar is. Dit kan soms tot procedures leiden wanneer ouders er niet in slagen het voor de geboorteaangifte eens te worden over de keuze van de achternaam. Het is de vraag of je dan om vervangende toestemming van de rechter kunt verzoeken wanneer het niet lukt om een gezamenlijke keuze te maken.
Op grond van artikel 1:7 BW kunnen ouders met gezag als wettelijk vertegenwoordigers namens hun kind onder vrij strikte voorwaarden verzoeken om wijziging van de geslachtsnaam door de Koning. Die aanvraag moet op basis van het Besluit geslachtsnaamswijziging worden gedaan bij Dienst Justis. Een nadeel is dat de procedure lang duurt. Bovendien moet degene van wie de naam wordt verzocht het kind gedurende een aaneengesloten termijn van drie tot vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag hebben verzorgd en opgevoed. Verder gelden er bij kinderen jonger dan twaalf jaar aanvullende voorwaarden wanneer de
niet-verzoekende ouder niet instemt met de aanvraag, zoals een onherroepelijke veroordeling wegens een misdrijf en dat er niet of nauwelijks met het kind in gezinsverband is samengeleefd.De vraag is of de ‘vangnetnorm’ de toets van internationale verdragen en het EVRM wel kan doorstaan. Dat is vooralsnog zeker geen uitgemaakte zaak.
Namenrecht in beweging
Het namenrecht vormt een afspiegeling van recente en actuele maatschappelijke ontwikkelingen. Het Nederlandse namenrecht is onder invloed van de migratie en emancipatie ‘flexibeler’ en liberaler geworden en, volgens sommigen, daarmee ook minder patriarchaal. Het Europese recht van de EU inzake het vrije verkeer van personen speelt daarin soms ook een rol. Vaak pakt de Nederlandse ‘vangnetnorm’ zo uit dat alsnog de geslachtsnaam van de vader van het kind wordt aangewezen. Wat de formulering van de huidige Nederlandse ‘vangnetnorm’ betreft, is het de vraag of deze aan internationale en Europese normen voldoet.
