Machtiging kantonrechter voor minderjarige erfgenaam vereist bij verkoop door executeur of vereffenaar?
De vereffenaar is privatief bevoegd. Dit betekent dat hij de erfgenamen in en buiten rechte vertegenwoordigt. Als de vereffenaar goederen te gelde wil maken, dan treedt de vereffenaar conform het bepaalde in artikel 4:215 BW in overleg met de erfgenamen. De executeur heeft gedurende de executele het beheer over de goederen van de nalatenschap. De executeur treedt conform het bepaalde in artikel 4:147 BW in overleg met de erfgenamen als hij goederen te gelde moet maken. De testateur kan de vrijheid van de executeur beperken en verruimen, bijvoorbeeld door te bepalen dat overleg helemaal niet nodig is of juist door te bepalen dat de executeur toestemming nodig heeft van de erfgenamen om goederen te gelde te maken. Voor de doorgewinterde vereffenaars en executeurs is het voorgaande gesneden koek. Waar nog wel eens onduidelijkheid over bestaat, is de vraag of er beperkingen aan de vrijheid van de vereffenaar of executeur zijn, op het moment dat een van de erfgenamen minderjarig is. Is er in dat geval machtiging van de kantonrechter nodig?
Minderjarige en toestemming van de kantonrechter
Ouders (en in sommige gevallen voogden) voeren het bewind over het vermogen van hun kinderen. Dan kantonrechter heeft hier een toezichthoudende taak. Artikel 1:345 BW (juncto artikel 3:253k BW) noemt 5 categorieën rechtshandelingen waarvoor ouders en voogden machtiging nodig hebben van de kantonrechter, te weten
“a. aangaan van overeenkomsten strekkende tot beschikking over goederen van de minderjarige, tenzij de handeling geld betreft, als een gewone beheersdaad kan worden beschouwd, of krachtens rechterlijk bevel geschiedt;
b. giften doen, andere dan gebruikelijke, niet bovenmatige;
c. een making of gift, waaraan lasten of voorwaarden zijn verbonden, aannemen;
d. geld lenen of de minderjarige als borg of hoofdelijke medeschuldenaar verbinden;
e. overeenkomen dat een boedel, waartoe de minderjarige gerechtigd is, voor een bepaalde tijd onverdeeld wordt gelaten.”
Regelmatig vragen vereffenaars en executeurs die goederen willen verkopen / te gelde willen maken, zich af of er ook een machtiging nodig is van de kantonrechter als één van de erfgenamen minderjarig is. In de Handleiding Financiële belangen Minderjarigen vinden we het antwoord op deze vraag (nog?) niet. Geregeld wordt er ook ten onrechte een verzoek aan de kantonrechter gedaan om een machtiging. Dit zorgt voor de executeur, ouders / voogden en de rechtbank voor extra werk. Reden om uiteen te zetten wanneer een machtiging wel en niet vereist is bij het te gelde maken van goederen door de vereffenaar of de executeur.
De vereffenaar
Als de vereffenaar goederen wil verkopen, dan heeft hij daarvoor geen toestemming van de erfgenamen nodig. Hij treedt weliswaar in overleg met de erfgenamen en de vereffenaar moet de erfgenamen wijzen op de mogelijkheid om zich tot de kantonrechter te wenden, maar in beginsel handelt de vereffenaar zelfstandig. Op het moment dat er een minderjarige erfgenaam is, is er dan ook geen machtiging van de kantonrechter nodig bij de verkoop van een goed.
De executeur die geen toestemming van de erfgenamen nodig heeft bij verkoop
Ook als de executeur zonder toestemming van de erfgenamen goederen te gelde kan maken, is er evenmin een rol weggelegd voor de kantonrechter als toezichthouder op het bewind over het vermogen van de minderjarige. De executeur kan zonder instemming van de erfgenamen handelen en dus is een machtiging van de kantonrechter niet nodig. Zie in dit kader de uitspraak van de rechtbank Limburg van 12 februari 2025 ECLI:NL:RBLIM:2025:1796.
De executeur die wel toestemming van de erfgenamen nodig heeft bij verkoop
Indien de executeur wel toestemming van de erfgenamen nodig heeft, dan zullen de ouders/voogden van de minderjarige wel een machtiging van de kantonrechter nodig hebben. De ouders (voogden) zullen zich in dat geval tot de kantonrechter moeten wenden. Dit is niet de taak van de executeur. Zie in dit kader Asser / Perrick 4 2021 / 696:
“Echter zullen de ouder(s), voogd of curator in het geval dat de erflater heeft bepaald dat de executeur voor de tegeldemaking van een goed de toestemming van de erfgenamen behoeft, voor het verlenen van de toestemming namens de minderjarige of curandus, de machtiging van de kantonrechter nodig hebben.”
Bescherming vermogen minderjarigen en de executele of vereffening
Er is steeds meer aandacht voor de bescherming van het vermogen van de minderjarige en de toezichthoudende taak van de kantonrechter in dat kader. Er is een concept wetsvoorstel waarin een aantal wijzigingen is opgenomen om het vermogen van de minderjarige beter te beschermen. Op basis van dit wetsvoorstel (“Bescherming vermogen in het familierecht”) verandert er niets bij beantwoording van de vraag wanneer een machtiging voor het te gelde maken door de executeur of vereffenaar wel / niet nodig zou zijn. Er staat in het wetsvoorstel echter wel een aantal wijzigingen die voor de erfrechtpraktijk van belang zijn. In het artikel “Conceptwetsvoorstel Wet bescherming vermogen in het familierecht: het erfrecht krijgt een kindvriendelijke update” (AdvoTip 2025-8 mr. J.Th.M. Diks), worden de belangrijkste erfrechtelijke voorgestelde wetswijzigingen besproken.
Ook uit vorenstaande blijkt, het recht blijft in ontwikkeling. Als na invoering van het wetsvoorstel de Handleiding Financiële belangen minderjarigen wordt aangepast, dan kan men (om misverstanden te voorkomen) wellicht ook meteen in de handleiding verwerken wanneer er wel en geen machtiging is vereist van de kantonrechter als de vereffenaar of executeur goederen te gelde gaat maken. We houden het in de gaten.
